Herdenking 4 mei

Op maandagavond 4 mei vond op begraafplaats Waalhof de jaarlijkse dodenherdenking plaats. Voor het eerst werd hierbij ook een krans gelegd door de kinderburgemeester.

Hieronder leest u de volledige toespraak van burgemeester Patrick van der Giessen. 

 

"Goedenavond. Vanavond legt voor het eerst onze kinderburgemeester Rayan een krans, samen met Abby. Dat vind ik heel bijzonder. Niet als symbool, maar als statement: Wat we vanavond doen, is voor altijd en voor elke leeftijd.

Het landelijke thema van deze herdenking is: De geschiedenis begrijpen.

Dat klinkt misschien bescheiden voor een avond als deze. Begrijpen. Alsof het gaat om een schoolles of een toets. Maar het thema spreekt iets veel groters aan. Begrijpen vraagt dat we verder kijken dan de verhalen die we kennen.

We kennen de verhalen van verzet. De mensen die joodse kinderen verborgen, die onderduikers beschermden, die met gevaar voor eigen leven opstonden. Dappere mensen. Echte helden. En met dankbaarheid en eerbied herdenken we hen.

We kennen ook de verhalen van collaboratie. Van mensen die bewust kozen voor de kant van de bezetter. 

Maar tussen die twee groepen, de helden en de criminelen, bevond zich een derde groep. Verreweg de grootste groep. De stille meerderheid. Mensen die niet wakker werden met de gedachte: laat ik vandaag iets heldhaftigs doen. Maar ook niet: wie kan ik vandaag pijn doen? Mensen die zwegen. Die dachten: het zal zo'n vaart niet lopen. Die hun hoofd omlaag hielden en hoopten dat het overging.

Politieagenten die opdrachten uitvoerden. Burgemeesters die Joden aanwezen voor deportatie. Ambtenaren die lijsten bijhielden. Spoorwegpersoneel dat treinen liet rijden.

"Het is maar een kleine opdracht."
"Als ik het niet doe, doet een ander het wel."
"Ik doe gewoon mijn werk."

Ik noem dit omdat het ons een spiegel voorhoudt. Want de meesten van ons zouden niet de held zijn geweest. En de meesten van ons zouden ook niet de crimineel zijn geweest. De meesten van ons zouden ergens in het midden hebben gestaan, stil, afwachtend, bang.

En precies daarom is begrijpen zo belangrijk. Daarom is het zo belangrijk om je in de ander te kunnen verplaatsen. En daarom moeten we het onze kinderen leren. Niet als les over een ver verleden, maar als vaardigheid voor het leven. De vaardigheid om te zien wanneer iets niet klopt. Om juist te luisteren als een verhaal wordt gefluisterd. Om je stem te gebruiken als het er nog toe doet. 

Want de vraag is niet: wat zou jij hebben gedaan in mei 1940? Die vraag is zwaar maar veel te makkelijk. De geschiedenis kondigt zich zelden aan met een bordje: hier begint het foute pad. Het gaat in kleine stappen. Een wet die iemand anders treft. Een opmerking die je laat passeren. Een situatie die schuurt, maar waarbij je denkt: ik bemoei me er niet mee.

De vraag is dus: wat doe jij nú?

Hier in Ambacht geloven we, geloof ík, in iets dat simpel klinkt maar niet vanzelfsprekend is: naar elkaar luisteren, ook als dat je niet goed uitkomt. De ander mag anders denken. Anders geloven. Andere antwoorden hebben op dezelfde vragen. Maar door te luisteren neem je ook de verantwoordelijkheid om door te vragen als je het niet begrijpt. En om te handelen als iets niet klopt.

Vanavond herdenken we de slachtoffers van oorlogssituaties sinds de Tweede Wereldoorlog. We dragen hen in ons hart maar hopelijk ook in ons handelen. Dat zijn we hen verschuldigd.

Onze kinderburgemeester legt zo een krans. Ik hoop dat dit moment - deze stilte, deze plek, deze avond — iets achterlaat. Een herinnering én een kompas. Want herdenken is ook begrijpen. 

Straks is er stilte. Twee minuten. Gebruik die tijd niet alleen om te herdenken. Gebruik die tijd ook om jezelf de vraag te stellen. Wat doe ik, als het er toe doet?"